Loading…

Frank Sportmassage

Sportmasseur met specialisatie blessurepreventie

Waarom een sportmassage?

Wat levert sportmassage precies op? Net als andere massages bevordert het de doorbloeding en stofwisseling, en daarmee de afvoer van afvalstoffen. Ook de positieve werking van een gangbare massage zien we terug bij sportmassage: beter slapen, een positieve mentale toestand, een betere spierspanning. Omdat een sportmasseur beter weet welke belasting een sport oplevert kan hij gerichter werken.Het doel van sportmassage is het verbeteren van de spierconditie. De massage wordt stevig op de spieren uitgevoerd, waardoor de doorbloeding wordt bevorderd en afvalstoffen sneller worden afgevoerd. Dit zorgt voor een sneller herstel en afname van de spierpijn.

Ondersteuning en herstel

Sportieve prestaties vragen veel van je lichaam en zijn dus een behoorlijke aanslag op je spieren. Ze moeten continue aanspannen en kracht leveren. Als je bijvoorbeeld met een trainingsschema werkt waarbij iedere week de duur en de zwaarte omhoog gaat, heeft je lichaam steeds minder tijd te herstellen. Sportmassage kan in dit proces zorgen voor ondersteuning en herstel. De kans op blessures zal afnemen naarmate de specifieke spiergroepen meer getraind zijn.

Vaak wordt sportmassage zowel voor een wedstrijd of sportprestatie, als tijdens de rustpauze en na afloop toegepast.

Wat doet een sportmasseur?

Het werk van een sportzorgmasseur bestaat uit:

  • het afnemen van een anamnese, inspectie en een functieonderzoek van de spieren en gewrichten
  • masseren (ontspannend bijvoorbeeld na een wedstrijd of juist stimulerend voor een wedstrijd)
  • tapen en bandageren (als extra ondersteuning of om een bewegingsuitslag af te remmen)
  • informeren en adviseren
  • het verlenen van zorg bij acuut sportletsel (EHBSO)
  • deelnemer van de ketenzorg sportzorg

De taak van een sportzorgmasseur ligt primaire in preventie, begeleiding en behandeling van de gezonde sporter. Hij geeft advies aan een sporter en begeleidt sporters met blessures graad 1 en 2. Bij blessures graad 3 en 4 en een ” niet pluis” gevoel adviseert hij de sporter om naar een sportfysiotherapeut of sportarts.